Nieuw-Herlaar (ook: Nieuw-Herlaer) is een kasteel te Sint-Michielsgestel, in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het werd gebouwd na het voormalige kasteel Oud-Herlaar, waarvan het een leengoed was. De eerste vermelding van het huis dateert van 17 november 1381, het heet dan al Nijeherlaer.
Nieuw-Herlaar ligt op de noordoever van de Dommel, honderd meter van de buurtschap Halder, waarmee het verbonden is via een brug over de Dommel. Verder van de rivier en vierhonderd meter ten noorden van het kasteel ligt landhuis Haanwijk.

Het complex is sinds 1973 een rijksmonument, de huidige bebouwing stamt grotendeels uit de negentiende eeuw, gebouwd als klooster en gesticht. Wel is de vijftiende-eeuwse ranke achtkante traptoren met ingesnoerde spits bewaard gebleven, er werd echter een achttiende-eeuws deel omheen gebouwd.
Het eind-veertiende-eeuwse kasteel lag oorspronkelijk achter de nog bestaande 15e-eeuwse traptoren. Voor de toren lag een plein, omringd door een muur met schietgaten. Hier lag ook een versterkt poortgebouw met ophaalbrug. Het geheel was door grachten omgeven.
In 1621 werd Nieuw-Herlaar vermeld als: Nyent-Herlaer, 't hoff tot nyent-Herlaer met zijn bijvanghe, gelijck als daer gelegen is allom tusschen de dommele aldaer vloeyende..
In 1736 meldde men: Nieuw-Herlaer aan de oostzijde van de afgebroken zaal met de kelder onder de afgebroken zaal, besingeld met zijn gragt en de rivier de Dommel, met hoven, boomgaard, stallingen, schuur, het recht van de visscherij, vischvijver inden hof, capelle, brouwerij en bequame woningen daeraen, omsingeld met hegge en plantagiën..
In 1791 werd het oude kasteel afgebroken op last van Sigismund Van Bonstetten en werd het huidige gebouwd aan de andere kant van de toren. Men sprak van een zeer oud en bouwvallig gebouw, en Stephanus Hanewinkel meldde: De heer Bonstetten heeft het doen afbreken en in plaats van hetzelve een modern buytenhuys doen setten, zijnde niet van 't oud kasteel, dat een sterkte is geweest, overig gebleven als den toren.
Verdere uitbreidingen vonden plaats vanaf 1799, toen het kasteel een seminarie werd. Ook de bestemmingen daarna vereisten vele verbouwingen.
Na het vertrek van de katholieke instellingen in 1970 trad opnieuw verval in. Echter, vanaf 1978 werd het kasteel gerestaureerd. De meeste bijgebouwen, op het zusterklooster na, werden toen gesloopt.
Omstreeks 2020 is het kasteel verduurzaamd met zonne-energie en waterstofproductie, met als doel het geheel energieneutraal te maken.[1][2][3]

Thomas Cornelis van Rijckevorsel kocht het kasteel om het ter beschikking te stellen voor het bisschoppelijk Grootseminarie, dat zich tot dan toe in 's-Hertogenbosch bevond. In 1806 werd een kapel gebouwd. Zand werd op illegale wijze betrokken van de nabijgelegen Wijngaardberg, een archeologisch belangwekkende plaats. In 1839 werd het Seminarie echter verplaatst naar Haaren.
Van 1840-1910 was in Nieuw-Herlaar het Instituut voor Doven gevestigd, een katholieke zorg- en onderwijsinstelling voor doven, slechthorenden en doofblinden. Later kreeg Sint-Michielsgestel een veel groter dergelijk instituut.
Vervolgens kwamen er diverse zustercongregaties. Eerst kwamen Franse Benedictinessen, die vanwege de Franse politiek van secularisering naar Nederland waren gekomen. Vanaf 1919 huisden er de Oostenrijkse Dochters van de Goddelijke Heiland, in 1925 was er een internaat voor BLO-onderwijs van de Zusters van de Choorstraat, en van 1926-1955 huisden er paters van de Sociëteit voor Afrikaanse Missiën uit Cadier en Keer.
In 1955 kwam het kasteel in handen van de Stichting de Godshuizen. Deze vestigde er een instituut voor diep-zwakzinnige kinderen, en in 1960 werd het een observatiekliniek voor kinderpsychiatrie en neurologie. Dit alles werd door de Dochters van de Goddelijke Heiland verzorgd. Hiertoe moest het kasteel worden verbouwd, maar in 1970 verhuisde de instelling naar de nieuwe inrichting Herlaarhof te Vught.
Het leegstaande kasteel werd in 1978 aangekocht door een onroerend-goedmaatschappij en de bijgebouwen werden toen door de alternatieve woongroep Gezond Bouwen en Wonen in gebruik genomen.
Het kasteel is nu in private handen en wordt bewoond na een jaren durende renovatie.
